Ontbrekende steun aan interdisciplinariteit

Door bnvis
Er zijn nu 3 reacties | 7 juni 2009 15:06
Wat vindt u van deze bijdrage? 1 0

Gedurende mijn wetenschappelijke opleiding liep ik voortdurend tegen een wig aan tussen de algemene consensus dat interdisciplinaire projecten, onderzoek en onderwijs zeer belangrijk en vooruitstrevend geacht werd, maar dat er grote angst bestaat om steun te verlenen aan dergelijke ondernemingen. Zowel het publiek als de beleidsmakers in wetenschap blijken van mening niet op de deskundigheid van de betrokkenen in interdisciplinaire activiteiten te kunnen vertrouwen. Daarmee worden inzichten die het brede belang van zaken belichten nodeloos onmogelijk gemaakt en pioniersgeest de kop ingedrukt. Ook de plaats waar bij uitstek de samenhang der dingen wel belicht kan worden, namelijk in algemene theorievorming, wordt vaak met wantrouwen tegemoet gezien, omdat de (maatschappelijke) baten van dergelijk onderzoek niet direct en meetbaar kunnen worden vastgesteld.

Het is te gemakkelijk om te veronderstellen dat slechts bepaalde onderzoekinstituten te kampen hebben (mogelijk ook door eigen toedoen) van dergelijke mentaliteit. Juist de manier waarop onderzoek gefinancierd wordt door bijvoorbeeld grote organisaties als het NWO, werkt de ontwikkeling van grens- en discipline overstijgend onderzoek tegen. Men is zo gaan geloven in de boodschap van specialisatie, dat het teveel vraagt van beoordelaars om te investeren in interdisciplinariteit en theorie. Van onderzoek, net als van economische investeringen, wordt verwacht dat met redelijke zekerheid de waarde en/of effectiviteit (oftewel het succes) van de uitkomst bij voorbaat kan worden vastgesteld. Het lijkt weinigen te storen dat het principe van investeren (in kennis, economie of technologie) nu juist onzeker is en dat negatieve (onbevestigende) resultaten ook vooruitgang betekenen. Zo wordt er weinig vernieuwd, nauwelijks geïnnoveerd en moet wetenschap zich richten op directe winst of toepasbaarheid in plaats van het creëren van nieuwe kennis of andere richtingen. Met name voor dat laatste is theorievorming nodig. Bij uitstek in theorie kunnen visies worden ontwikkeld die zonder enorme, vaak technologische, kosten de samenhang der dingen van nieuwe inzichten voorzien. Epistemologische avonturen zouden dus ook niet voorbehouden moeten zijn aan filosofie, maar een belangrijk onderdeel moeten vormen voor alle wetenschappelijke disciplines.

Het probleem is echter dat theorie als een bijproduct van 'praktische' wetenschap wordt beschouwd in plaats van een resultaat in zijn eigen recht. Niet alleen door het bovenstaande, maar ook door de financiële schaalverdeling in het toekennen van onderzoeksbudgetten, wordt theorievorming tegen gegaan. Als wetenschappelijk onderzoek relatief lage kosten met zich meebrengt, valt een onderzoeksprogramma doorgaans overal buiten de boot. De onderzoeken zijn te duur voor het moederinstituut en te goedkoop (!) voor externe financiëring. Kennelijk wordt technologische ontwikkeling dankzij torenhoge kosten gemakkelijker vertrouwd dan die onderzoeken die durven over de grens van hun discipline te kijken of oude tradities los te laten om samenhangende (complete) nieuwe visies te ontwikkelen. Juist voor het maatschappelijk belang is de plaatsing van wetenschappelijke vooruitgang in brede kaders en richtingen bijzonder waardevol. Het helpt bruggen te slaan en gedegen fundamenten te vinden voor de ‘verkokering’ (Uri Rosenthal) die ontstaat in de huidige isolementen van differentiatie.

In feite liggen oplossingen voor dit probleem voor de hand. Toch lijken er geen stappen genomen te worden om deze situatie te verbeteren. Het wetenschappelijk talent dat aspiraties heeft in deze richting kan doorgaans geen wetenschappelijk ‘thuis’ vinden en het potentieel dat in deze visies besloten ligt, gaat dus verloren omwille van belangen gestoeld op foutieve of kortzichtige ideeën over wat wetenschappelijk resultaat zou moeten inhouden. Het wantrouwen zou moeten worden weggenomen, de ‘onomstotelijke meetbaarheid’ van de resultaten ter discussie gesteld en de (financiële) steun aan wetenschappelijke programma’s worden hervormd.

Er zijn 3 reacties

Reacties overzicht (3)

Sorteren
JMF
In het kort komt het er dus op neer dat er nog geen bereden wegen liggen daar waar je nieuwe wegen wilt inslaan. Is dit ook niet het welbekende probleem dat het nieuwe altijd door belangen in het oude wordt gefrustreerd? De wet van de remmende voorsprong? Mij lijkt dat er twee opties bestaan: A. Hier volhouden en voldoende eigen kracht ontwikkelen om de weerstanden te doorstaan B Elders greenfields vinden en daar voldoende kracht ontwikkelen het nieuwe op te bouwen. Hoe dan ook, ik wens je veel kracht en wijsheid toe.
Ja interesant om uit de praktijk te horen wat ik al vermoedde. Ik ben zelf kunstenaar en die specialisatie woedde heerst daar ook. grensoverschrijdend denken geldt ook daar als taboe. sterker nog het mag eigenlijk het liefst over zo weinig mogelijk gaan. De achterliggende filosofie, als we er eigenlijk al over kunnen spreken is dat men zich niet wil bezighouden met het nu maar met de eeuwigheid, een postmoderne instelling heeft dat wil zeggen geen vragen ontwikkelen, geen antwoorden formuleren, want de wetenschap zou je wel eens in het ongelijk kunnen stellen en dan sta je over een eeuw er bij als de oen uit 2009. Ik ben van mening dat dit dus juist niet moet. Ik noem mijn denkrichting toepasselijk past-postmodern. iemand die de vragen van zijn tijd oppakt, en antwoorden zoekt, ook al loop je risico. de methode in de kunst is om je zoveel mogelijk te negeren, je krijgt nergens ruimte te exposeren en wordt doodgezwegen. Alsof je niet bestaat zeg maar. heel leuk, maar niet heus.
Ja dan zijn ze toch heel dom bezig in de wetenschap. Ik ben benieuwd waarin dat verzet toch ligt. is het domheid. arrogantie van de macht, Of statusbescherming. Ik ben benieuwd.
JMF

Op maandag, 21 september 2009 11:36 schreef cybersissy het volgende:... de wetenschap zou je wel eens in het ongelijk kunnen stellen en dan sta je over een eeuw er bij als de oen uit 2009. ....

Dat zou geen teken van hoogwaardige wetenschap zijn: Een oordeel vellen over het handelen van mensen in het verleden, gehouden tegen de maatlat van het heden. Een weldenkend mens (en weldenkendheid mogen wij van een hedendaagse, laat staan toekomstige, wetenschapper toch wel verwachten) beschouwt het menselijk handelen toch zeker wel binnen de context van datzelfde handelen?
U bent nu niet ingelogd. Om te kunnen bijdragen moet u inloggen. Geen account? Registreer uzelf dan nu.

Kijk ook eens bij

› 21 minuten  het grootste online opinie- onderzoek van Nederland. Doe de enquete.

› Mentality  Als u wilt weten welke leefstijl u heeft, kunt u meedoen aan de Mentality-leefstijltest van onderzoeksbureau Motivaction.