Lopen onze democratie, vrijheid en veiligheid gevaar?

Door hwinthag
Er is nu 1 reactie | 4 juni 2009 23:28
Wat vindt u van deze bijdrage? 1 0

Hier volgen enkele van mijn opvattingen en stellingen hierover, die mogelijk aanleiding kunnen geven tot interessante discussies.
Het belangrijkste streven van de mens is om te kunnen leven in vrede en vrijheid. Het ergste wat hem kan overkomen is lichamelijke en geestelijke kwelling en onderdrukking. Daarom hebben dictatoriale regimes, die hun onderdanen onderdrukken en uitbuiten geen bestaansrecht. Deze regimes zullen, zoals in de recente geschiedenis diverse malen is gebleken, vroeg of laat door oorlogsgeweld van buitenaf of door interne opstanden of burgeroorlogen omver worden geworpen. Een democratisch systeem, vastgelegd in een grondwet en andere wetten, schept de beste voorwaarden voor menselijke vrijheid. Soms wordt er in democratische landen echter misbruik gemaakt van de geboden vrijheid. Vergeten wordt nogal eens, dat vrijheid niet alleen rechten, maar ook plichten met zich meebrengt. Vrijheid van de een mag nooit leiden tot onvrijheid van de ander. In een democratie is vrijheid van meningsuiting een groot goed. Maar dat betekent niet, dat men andersdenkenden mag kwetsen en vernederen. En zeker niet, dat men door woord en geschrift mag aanzetten tot haat en geweld. Op dat terrein lijkt de vrijheid in sommige democratische landen te ver doorgeschoten. Hoe kan men anders tolereren, dat belangrijke normen en waarden in het maatschappelijk verkeer overboord worden gegooid? Hoe kan men tolereren, dat God en zijn profeten door woord, geschrift en beeld worden beledigd? En in het bijzonder: hoe kan men tolereren, dat sommige organisaties en personen ongestraft oproepen tot rassenhaat en tot religieus of etnisch geweld?

Vrijheid is een relatief begrip. Er zijn grote verschillen tussen de diverse landen. In het ene land voelen burgers zich vrijer en veiliger dan in het andere. Wat is vrijheid waard, als je niet meer veilig over straat kunt gaan en je huis met tralies en omheiningen moet beveiligen? Wat is vrijheid waard, als terroristen zichzelf opblazen in treinen, schoolbussen en vliegtuigen? Het bereiken en waarborgen van meer vrijheid en veiligheid in de wereld is enkel mogelijk, indien de kloof tussen arme en rijke landen wordt verkleind. Maar doordat die kloof eerder groter wordt, doordat materialisme en egoïsme in de kapitalistische landen steeds meer de overhand krijgen, zullen de onveiligheid en de onvrijheid in de maatschappij eerder nog toenemen. Ook de toenemende spanningen tussen de religies en tussen gelovigen en ongelovigen vormen een bedreiging voor de vrijheid en de vrede in de wereld. Omdat veel mensen zich maar al te goed bewust zijn van deze negatieve ontwikkelingen, veranderen ze hun gedragspatroon en hun levenshouding. Het is zelfs één van de oorzaken, waarom ouders in de westerse landen bang zijn om kinderen in de wereld te zetten.

De democatieën worden bedreigd door de commercialisering van de massamedia. Media-instituten, zoals internet, televisie, radio, kranten en tijdschriften, komen steeds meer in handen van grootkapitalisten, die enkel geïnteresseerd zijn in hoge kijk- en leescijfers en het verkopen van reclameboodschappen. Journalistieke normen en waarden moeten wijken voor commerciële - en amusementswaarden. De informatiestroom wordt door de economische grootmachten gemanipuleerd vanwege hun eigen belangen. Vooral in de VS is de invloed van de kapitalistische grootmachten op de politiek en de maatschappij groot. Presidentsverkiezingen zijn daar elke vier jaar kostbare mediaspektakels en soms zelfs schertsvertoningen tussen slechts twee partijen: Republikeinen en Democraten. Amerikaanse presidenten, en de clans die achter de schermen de feitelijke macht uitoefenen, hebben een te grote machtspositie in de wereld. Zo begon de regering Bush de Irakoorlog in maart 2003 zonder dat er in het Congres een echte discussie hierover was gevoerd en zonder de instemming van de VN. Met de komst van president Barack Obama lijkt hierin verandering te zijn gekomen. In tegenstelling tot Bush geeft Obama duidelijk de voorkeur aan dialoog om tot oplossingen te komen voor politieke en religieuze conflicten in de wereld.
De meeste Europese landen hebben een meerpartijensysteem met kiesdrempels om een te grote versnippering te voorkomen. Een regeringssysteem met ministers, die tegenover het parlement verantwoording moeten afleggen over hun beleid en tussentijds naar huis kunnen worden gestuurd, is democratischer dan het regeringssysteem van de VS. Daartegenover staat, dat de betrokkenheid van de VS-burgers bij verkiezingen groter is dan in de meeste Europese landen. Een nadeel van het democratisch systeem met verkiezingen om de vier jaar is, dat het kortetermijndenken van politici erdoor wordt bevorderd. Als een regering eenmaal is gekozen, begint ze vaak meteen met het consolideren van haar machtspositie en met het "plannen" van haar volgende herverkiezing. Om de kiezers niet tegen zich in het harnas te jagen, worden noodzakelijke hervormingen vaak gemeden of naar de toekomst verschoven. Gezien de sterk toegenomen complexiteit en de globalisering van de problemen is juist een langetermijnvisie van regeringsleiders en politici meer dan ooit noodzakelijk. Dit houdt in dat wetenschappers, onder meer op economisch -, sociaal - en milieugebied, veel meer invloed moeten krijgen op het langetermijnbeleid en dat de regeringen moeten worden afgerekend op het realiseren van dit beleid.
Het besluitvormingsproces in de EU is nog te weinig democratisch, doordat het niet transparant genoeg is en te ver van de burgers afstaat. In het Verdrag van Lissabon zijn wijzigingen in het besluitvormingsproces opgenomen, die het geheel een hoger democratisch gehalte moeten geven. Als het verdrag in alle lidstaten wordt goedgekeurd, betekent dit onder meer, dat het Europees Parlement op meer gebieden medebeslissingsbevoegdheid krijgt en dat in de Europese Raad op meer gebieden gestemd wordt met gekwalificeerde meerderheid.

In de geschiedenis zijn tal van vol voorbeelden te vinden die aantonen, dat dictaturen een ernstige bedreiging vormen voor de vrede. Maar dat betekent nog niet, dat democratieën wél een duurzame garantie vormen voor vrede en vrijheid. Bij enkele oorlogen die in de afgelopen vijftig jaar door de VS en andere democratische landen zijn begonnen, kunnen vraagtekens worden gezet bij de juistheid van de argumenten die aanleiding gaven tot deze oorlogen. Ook is het de vraag of het democratisch systeem wel bestand zal blijken te zijn tegen een depressie, zoals we in de dertiger jaren van de vorige eeuw hebben gekend. Uit het stemgedrag blijkt, dat veel kiezers bij de geringste ontevredenheid over economische -, sociale - en maatschappelijke ontwikkelingen achter populistische volksmenners aanhollen. Nationalistische -, nazistische - en fascistische sympathieën van bevolkingsgroepen blijven een sluimerend gevaar vormen voor de wereldvrede.
Sommige auteurs bekritiseren het functioneren van het democratisch systeem. Zij beweren, dat leiders en regeringen van supermachten worden gemanipuleerd door "schaduwmachten". Volgens hen bestaan er een aantal genootschappen en samenzweringen, die gezamenlijk streven naar een "Nieuwe Wereld Orde" onder één machtige wereldleider. Door het ontketenen van revoluties, oorlogen en economische crisissen zouden ze de volkeren trachten rijp de maken voor hun idealen. Tot deze samenzweringen rekenen ze onder meer de "Orde der Illuminaten", de "Council on Foreign Relations", de "Trilaterale Commissie", de "Bilderbergers" of "The Alliance" en de "Bohemian Grove". Deze genootschappen zouden bestaan uit schatrijke bankiers, intellectuelen, (ex-) regeringsleiders, monarchen, mediamagnaten, generaals, CEO´s van multinationals en hooggeplaatste geestelijken, die in geheime bijeenkomsten komplotten zouden smeden.
Natuurlijk zullen er altijd "machten en krachten" zijn die achter de schermen invloed uitoefenen op het beleid van regeringsleiders. En deze leiders zullen zich normaliter omringen met adviseurs van allerlei pluimage. Welbekend zijn de activiteiten van belangengroepen, pressiegroepen en professionele lobbyisten, die de nationale en internationale regeringscentra en overheden afstruinen om de besluitvorming van ministeries en parlementen te beïnvloeden. Maar het gaat te ver om te beweren, dat het democratisch systeem niet bij machte zou zijn om aan de invloeden van deze genootschappen, samenzweringen en lobbygroepen het hoofd te bieden, al kan dat van land tot land verschillen. En bestaande en nieuwe supermachten zullen voorlopig niet toestaan, dat er een Nieuwe Wereld Orde met slechts één wereldleider zal ontstaan.

Er is 1 reactie

Reacties overzicht (1)

Sorteren
Erika
In Europa zijn veel democratische landen verenigd. Kinderarbeid en arbeid verricht door slaven zijn wettelijk illegaal. Het produceren van producten moet ook aan andere regels voldoen, bijvoorbeeld uitstoot wordt belast en andere vormen van vervuiling moeten worden betaald door de producent. Echter als het aankomt op de invoer van producten van buiten de EU, gelden deze regels veel minder of vrijwel niet. Bijvoorbeeld het produceren van cacao door slaven of de CO2-uitstoot die bij de productie van producten niet wordt belast. Dit wordt vrije handel genoemd maar is, mijns inziens, valse concurrentie tussen niet-Europese producenten en Europese producenten. Waarom mag Europa geen producten op haar markt weren die niet volgens de beschavingsnormen van de EU zijn geproduceerd? Het weren van producten van de Europese markt is voor zover ik weet gedaan in geval van toenmalige onzekere voedselveiligheid (bijvoorbeeld producten die ingredienten bevatten die waren gemaakt d.m.v. genetische manipulatie en waarover toen te weinig over bekend).
Verder heeft Europa een vrije markt waarbij bijdragen van de staat aan bedrijven nauwkeurig in de gaten wordt gehouden om valse concurrentie tussen EU-landen te voorkomen. Echter, hier hoeven niet-Europese bedrijven niet aan te voldoen om in Europa hun producten te slijten of bedrijven op te kopen. Dit is weer een staaltje van valse concurrentie. Valse concurrentie die "positief" is voor Europese bedrijven zijn bijvoorbeeld de invoertarieven voor landbouwartikelen. Ik ben niet voor invoertarieven voor niet-in-Europa geproduceerde artikelen omdat de "derde-wereld" landen in geval van landbouwproducten hier erg veel last van hebben. Echter als het gaat om producten die geproduceerd onder de omstandigheden die in de EU niet mogen voorkomen, dan vind ik dat weer wel een goed idee.
U bent nu niet ingelogd. Om te kunnen bijdragen moet u inloggen. Geen account? Registreer uzelf dan nu.

Kijk ook eens bij

› 21 minuten  het grootste online opinie- onderzoek van Nederland. Doe de enquete.

› Mentality  Als u wilt weten welke leefstijl u heeft, kunt u meedoen aan de Mentality-leefstijltest van onderzoeksbureau Motivaction.